
Mijn passie voor klassiekers
Van hobby naar ambacht
Het begon niet met een plan.
Ik was vijftien toen ik mijn eerste auto restaureerde. Ik wist toen nog niet dat ik mijn vak had gevonden.
Niet iedereen vindt dat op school. Ik vond het in een garage, bij een gestrand project dat niemand meer wilde: een DAF 46.
De Daf 46
Het eerste project kocht ik samen met mijn vader: een Daf 46. Een gestrand project van de vorige eigenaren. De motorkap was gedemonteerd onder het mom van "handig met al het motorische werk". Wat er niet bij werd verteld: het linker en rechter spatbord verschilden 2,5 centimeter in hoogte, dus de motorkap paste niet eens. Een beunproject dat mislukt was en stilletjes doorverkocht.
Ik leerde zo al vroeg: niet alles is wat het lijkt.
Zo kwam ik terecht bij Fred Oosterlaan — in de klassiekerwereld beter bekend als 'de DAF-dokter'. Hij heeft een indrukwekkend adres in Bleiswijk: een voormalige tomatenkas met maar liefst tweehonderd Dafjes.
Midden tussen die verzameling zette ik mijn eerste serieuze stappen in het vak. Voor de complexere techniek van de motor en de Variomatic leerde Fred mij onder meer kleppen stellen en bracht me de eerste fijne kneepjes van het ambacht.
Het gevoel van thuiskomen door het plezier dat ik had in vakmanschap was goud waard!
De eend
En het aanbod dat alles veranderde
De DAF was klaar, voor zover je daarover kan spreken, want onderhoud zal er altijd zijn. De Daf was rijdend, gekeurd en weglegaal. Op zoek naar een nieuw project: een Citroën 2CV6 — een 'lelijke' eend. Een nieuw project, een nieuwe droom.
Maar nog geen paar weken later werd er een Volvo Amazon Combi aangeboden. Lichtblauw, niet origineel maar stond hem wel perfect. Een onweerstaanbaar aanbod.
(De eend is er trouwens ook nog, hij staat er nog. Eeuwig zijproject — elke restaurateur kent er wel één. )
Een droomauto met een geheim
De Amazon viel meteen op. Mooie lijnen, een verzorgd interieur, technisch in redelijke staat. Op het eerste gezicht leek het geen groot project. Wat roestplekken hier en daar: “overzichtelijk” dat was toen nog de gedachte.
Maar restauraties zijn zelden wat ze op het eerste gezicht lijken.
Het dak bleek te lekken door een verrotte dakgoot. Het werd toen al snel duidelijk dat vervangen of herstellen is vakwerk van het hoogste niveau. Dit deel van de carrosserie biedt namelijk stevigheid aan een auto en is opgebouwd uit minimaal drie aparte carrosserieplaten die zijn omgeslagen tot één geheel. De manier waarop die drie platen gevouwen zijn, maakt herstel uitermate complex.
Geen beginnersopdracht. Geen snelle oplossing.
Op zoek naar een lasser
De zoektocht naar een lasser bleek het begin van een waardevol leertraject. In Groningen kwam ik in contact met Harmannes, een echte vakman en monteur in hart en nieren. Met zijn uitgebreide kennis van klassieke Volvo's en zijn directe, eerlijke aanpak voelde hij mijn leergierige instelling perfect aan. Er ontstond een inspirerende samenwerking waarin hij mij de fijne kneepjes van het technische vak leerde.
Toen het aankwam op het specifieke plaat- en laswerk, stuurde Harmannes mij door naar AllClassics. Daar zette ik mijn leertraject voort onder de hoede van Johann, een ambachtsman die het vak nog heeft geleerd met slechts een hamer, beitels en een tas.
Via Egbert, Oebeles Zweedse Klassiekers, vonden we een geschikte donor-Amazon met een strak en goed dak. Samen met Johann heb ik in twee dagen tijd het complete dak van de Volvo overgezet. Op de tweede dag drukte hij mij het lasapparaat in de handen met de woorden: "Probeer het maar, ik kan alles herstellen wat er misgaat."
Ik pakte het op en bleek er verrassend veel gevoel en aanleg voor te hebben. Dat was het beslissende moment waarop iemand écht potentie in mij zag. Onder begeleiding van Johann ben ik mij vanaf dat punt volledig gaan verdiepen in het hoogwaardige restauratieproces.
Een netwerk van meesters
Kort daarna volgde een vervolgstap bij Oebeles Zweedse Klassiekers. Een mooie Volvo 245 met het bekende laswerk aan de bodem. Ik wilde dolgraag meekijken om te leren. Toen ik hen vertelde over mijn ervaringen met Johann, besloot hij mij het vertrouwen te geven om de klus zelf op te pakken. Het was de eerste keer dat ik de haakse slijper in een auto zette — een spannend, maar leerzaam moment. De tijd en uitleg die mij gegeven werd, waren van onschatbare waarde om vertrouwd te raken met het staal van de auto.
Inmiddels 18 jaar, net mijn rijbewijs op zak, kreeg ik vaste dagen aangeboden om in de garage te komen werken. Dit greep ik met beide handen aan. Een jaar lang reed ik vaste dagen naar hen toe. Onder de ervaren leiding van de schadehersteller daar, Leon's Onderhoud- & Herstelbedrijf, leerde ik strak en hoogwaardig plaatwerk herstellen: handig, efficiënt en met een scherp oog voor detail.
Na een halfjaar werd ik aangemoedigd verder
te gaan in mijn carrière. Dat was het moment waarop ik de stap zette
naar het ondernemerschap als ZZP'er.
Terug naar het begin en naar het heden
Na een halfjaar als ZZP'er keerde ik terug naar Westerbroek, naar Johan en Johann. De basisvaardigheden van het vak had ik inmiddels onder de knie, maar mijn ambitie reikte verder. Ik wilde niet simpelweg herstellen; ik wilde restaureren op het hoogste niveau.
Bij AllClassics kreeg ik de kans om mij volledig te verdiepen in de fijne kneepjes van het restauratiewerk. Restaureren betekende hier: verder kijken dan je neus lang is. Begrijpen waarom een auto ooit op een bepaalde manier geconstrueerd was, achterhalen wat de oorzaak van het probleem was en het voertuig in ere herstellen — vaak zelfs beter en duurzamer dan hoe het ooit de fabriek verliet.
Zo maakte ik mij onder meer het vertinnen eigen, een ambachtelijke en bijna vergeten techniek waarbij vloeibaar tin wordt gebruikt om carrosserieplaten strak te maken en optimaal te beschermen tegen roest. Ook de beginselen van het strakmaken en spuiten leerde ik tot in de fijnste details. Dit zijn technieken die je niet uit een boekje leert, maar die generatie op generatie worden doorgegeven door doorgewinterde vakmensen. Met veel geduld en passie droegen zij hun jarenlange ervaring aan mij over.
In het jaar dat ik bij hen werkte als volwaardig restaurateur met een specialisatie in plaatwerk, groeide niet alleen mijn technische vakmanschap, maar ook mijn zelfvertrouwen en mijn visie op het ambacht.
Revisie: een nieuwe skill
Een ervaren vakman zocht via de Volvo Klassieker Vereniging een leerling, hij reviseerde jarenlang Volvo-versnellingsbakken voor Nordicar en wilde nu aan iemand zijn kennis overdragen.
Stap voor stap, met de precisie die dit werk vraagt, leerde ik van hem het vakmanschap achter de revisie van de M41-versnellingsbak. Het bleef echter niet bij deze ene techniek. Gebruikmakend van zijn eigen Amazon en andere projecten, bracht hij mij ook de fijne kneepjes bij van motorrevisie, carburateurs en overdrives. Het was hier dat ik begon aan een serieuze studie naar het reviseren van mechanische componenten — een studie die ik vandaag de dag nog steeds elke dag in de praktijk breng.
Wat ik leerde, en hoe ik daarnaar kijk
Met dank aan alle mensen die op mijn pad kwamen. Ze waren niet enkel mijn collega's of opdrachtgevers; het waren mijn leermeesters. Mensen die hun vak serieus nemen en bereid waren hun kennis aan mij door te geven.
Tijdens dit alles leerde ik niet alleen om traditioneel vakmanschap te combineren met de technieken van nu, maar ook om bewust na te denken over de juiste balans. Want wat is wenselijk: uit principe alles origineel houden, of juist moderniseren met behoud van het unieke karakter van de klassieker?
Een klassieke auto restaureren gaat niet over zo snel mogelijk resultaat neerzetten. Het gaat over het begrijpen van de logica achter het ontwerp. Het vraagt om nadenken met kennis van zaken, respect voor het originele vakmanschap en het leveren van kwaliteit om zo de auto — én zijn geschiedenis — te koesteren.
Dit verhaal vormt de basis van alles wat ik doe. Ik werk graag met volledige toewijding aan elk project.